Gazet van Antwerpen
Start Omhoog Gazet van Antwerpen Katholiek Nederland Corriere della Sera U-blad

 

Start
Omhoog

Opus Dei

Gazet van Antwerpen // Jos Vranckx
7 oktober 2002

Inleiding

Meer dan 300.000 mensen, onder wie een zeshonderdtal Belgen, hebben zondag 6 oktober 2002 in Rome de heiligverklaring van Josémaría Escrivá bijgewoond, de omstreden stichter van het even omstreden Opus Dei. Wie was de man? Waarom roept hij zulke tegenstrijdige gevoelens op? Wat wordt hem verweten? Wat vinden zijn fans ervan? Wat is Opus Dei?

Stefaan Seminckx over Opus Dei en haar stichter

Stefaan Seminckx
( foto Philippe Lebeau)

“Dat hij een sterk karakter had, en soms uit zijn sloffen schoot, dat zal wel zo zijn. Hij was ook maar een mens. Maar het Opus Dei, met 85.000 leden en honderdduizenden sympathisanten, zou niet zo’n vlucht hebben genomen indien er niet een echt charisma aan de basis van zijn werk lag, een genade van God zelf.”

Dat zegt Stefaan Seminckx (44), voormalig huisarts en nu woordvoerder van het Opus Dei in België, dat hier een driehonderdtal leken en zo’n twaalf priesters telt en centra heeft in Brussel, Antwerpen, Gent en Leuven. Met een aparte werking voor mannen en vrouwen.

Waarom is die heiligverklaring voor u zo belangrijk?

Stefaan Seminckx: Ze is een aansporing om onze roeping verder uit te diepen en beter te beleven. Bovendien betekent ze dat Escrivá nu tot het patrimonium van de héle katholieke kerk behoort; hij is niet ons privé-eigendom.

Wat maakt hem volgens u zo bijzonder?

Zijn boodschap is vandaag brandend actueel, nu zoveel mensen niet meer de zin zien van hun leven, van het voortdurende rondhollen... We weten niet meer waarvoor we leven en waarom. Escrivá stelt daartegenover dat de waarde van je leven niet afhangt van cijfers, geld en succes, maar van liefde tot God en de medemens. Een straatveger die zijn werk aan God opdraagt, is voor de maatschappij veel meer waard dan een topmanager die alleen naar de beurscijfers kijkt. Als mensen meer plaats zouden geven aan God in hun dagelijks leven, zou dat een revolutie ontketenen.

Hoe kijkt u aan tegen de kritiek en aanvallen die zowel Escrivá als uw beweging moeten incasseren?

Tien jaar geleden, bij de zaligverklaring, was het veel erger dan nu. Bovendien is het normaal dat er verzet is. Dat is altijd zo geweest in de geschiedenis. Hoge bomen vangen veel wind. Heiligen zijn altijd een teken van tegenspraak, dat overkomt zelfs Moeder Teresa.

Volgens ex-leden had Escrivá een erg autoritair karakter en stelde hij buitensporige eisen.

Het is duidelijk dat onze stichter een sterk karakter had, als je ziet wat hij in zijn leven allemaal te verduren heeft gehad. Dat hij soms op de tafel moest kloppen en roepen, is de normaalste zaak van de wereld. Maar hij was vooral een man die liefde en genegenheid uitstraalde voor alle mensen. Die ex-leden zijn maar een kleine groep, ze hebben het falen van hun roeping wellicht slecht verteerd. En natuurlijk zijn er ook fouten gemaakt, we zijn mensen.

Opus Dei wordt beschuldigd van indoctrinatie van jongeren.

Dat jongeren van vijftien, zestien jaar met seks en drugs experimenteren, dat wordt vandaag gedoogd en soms zelfs openlijk aangemoedigd. Maar dat ze zich voor God en de Kerk engageren, dat kan men blijkbaar niet meer verdragen.

Opus Dei zou uit zijn op machtsposities in politiek en zakenleven.

Fabeltjes. We hebben alleen invloed van mensen die hun geloof beleven in de kringen waarin ze toeven en daar van Christus getuigen, door eerlijk te zijn, rechtvaardig en dienstbaar.

Honderd jaar lang Josémaría Escrivá

1902: Josémaría Escrivá de Balaguer wordt geboren in Barbastro, Spanje, aan de voet van de Pyreneeën, als tweede in een gezin van zes.
1915: drie jongere zusjes sterven, vader bankroet, de familie verhuist.
1918: Escrivá gaat naar het seminarie en begint studies burgerlijk recht. In 1925 wordt hij priester gewijd.
1927: doctor in de rechten. Begint pastoraal werk maar moet na de dood van zijn vader zorgen voor het onderhoud van zijn familie.
1928: voelt zich tijdens een retraite opgeroepen om het Opus Dei te stichten, Werk van God.
1934: publiceert zijn eerste boek, De Weg, waarvan ondertussen vier miljoen exemplaren zijn verkocht.
1936-1939: de Spaanse Burgeroorlog, het Opus Dei valt stil, Escrivá ontsnapt aan aanslagen.
1940: predikt retraites voor priesters op vraag van Spaanse bisschoppen.
1943: richt het Priesterlijk Genootschap van het Heilig Kruis op, zodat het Opus Dei over zijn eigen priesters kan beschikken.
1946: verhuist naar Rome. Het werk verspreidt zich in dertig landen en staat nu ook open voor gehuwden.
1950: promoot de oprichting van technische scholen, ziekenhuizen, universiteiten, vormingscentra, ook open voor niet-katholieken.
1962-65: het Tweede Vaticaans Concilie bevestigt dat het gewone beroepsleven een weg kan zijn naar heiligheid, een erkenning van Escrivá.
26 juni 1975: overlijdt in Rome.
17 mei 1992: wordt door paus Johannes Paulus II zalig verklaard, in aanwezigheid van 300.000 fans.
6 oktober 2002: wordt in zijn honderdste geboortejaar heilig verklaard.

Geertrui Segers

Geertrui Segers
 
(foto Geert De Rycke)

Geertrui Segers (34) uit België is moeder van vijf kinderen tussen twee en tien jaar en zorgt mee voor de boekhouding in het transportbedrijf van haar man, met 32 werknemers.

“Ik heb het Opus Dei acht jaar geleden leren kennen via mijn broer, die me had uitgenodigd om eens te komen kijken naar het studentenhuis in Leuven. Ik hield daar een positieve indruk aan over, maar daar bleef het bij. Tot ik enkele maanden later door mijn schoonzus werd gevraagd om mee te gaan naar een bezinningsweekend. Het ging over het thema ‘kind zijn van God’ en dat was voor mij een echte openbaring. De vlam sloeg in de pan. Sindsdien heeft mijn leven veel meer diepgang gekregen, ik voel me ook veel blijer en rijker. En dat straalt uit op de relatie met mijn man, het gezin en de omgeving.”

“Het is zeker geen geloofsleven apart, want we gaan in de parochie naar de kerk en ik help mee met de opvang van ouders van eerste communicanten. Mensen vragen me soms: hoe speel je het allemaal klaar, zoveel werk, en zo’n gezin? Monseigneur Escrivá is voor mij een modelheilige,omdat hij heeft voorgeleefd hoe je de alledaagse levensomstandigheden kunt aangrijpen om heilig te worden. Door de dingen die je moet doen, goed te doen. In mijn geval proberen een goede echtgenote en moeder te zijn. Ik heb onze stichter natuurlijk nooit persoonlijk gekend, maar op de filmbeelden komt hij hartveroverend, geestig en sprankelend over, totaal gericht op God.”

“In de kritiek op het werk herken ik me helemaal niet. Niemand heeft op mij ooit enige druk uitgeoefend. De mensen van het Opus Dei zijn heel gewoon, van alle leeftijden en alle lagen van de bevolking, het is een familie. Ik heb me nooit zo vrij gevoeld als nu.”

Groei van het Opus Dei

bron: Gazet van Antwerpen

Vandaag telt Opus Dei 84.000 leden, van wie 1.800 priesters. Er zijn 1.684 centra in de hele wereld, ook in Antwerpen. In België zijn er twaalf priesters, onder wie de Antwerpse arts Jacques Leirens, die vorig jaar priester werd gewijd. Het Opus Dei heeft een voormalig kasteel van Dongelberg, Waals-Brabant, omgebouwd tot een bezinningscentrum. In Leuven is er een studententehuis. De beweging heeft in België ook op de lijst van de parlementaire onderzoekscommissie sekten gestaan. Jongeren moeten minstens 18 jaar zijn om zich aan te sluiten. Het Opus Dei heeft in zekere zin de rol van de jezuïeten overgenomen als 'stoottroepen van de paus', een elitebeweging. Daarom is het werk ook erg omstreden. Maar de invloed op de wereldkerk mag niet worden overroepen. De woordvoerder van het Vaticaan, Joaquin Navarro, staat bekend als Opus Dei-lid, maar bisschoppen telt de beweging nauwelijks.

“Deze heiligverklaring is een schandaal voor de Kerk”

De jongste jaren is het stil geworden rond de vermeende sectaire activiteiten van het Opus Dei. Er bestaat in België een vereniging van ex-leden, Fiat Lux, maar ze wilden geen interview. Op een Amerikaanse website hebben ex-leden een open brief gericht aan paus Johannes Paulus waarin ze zeggen dat de heiligverklaring “een schandaal is voor de Kerk”. 

Volgens de website ondermijnt de heiligverkaring van Escrivá de geloofwaardigheid van de Kerk omdat de Spanjaard helemaal geen vroom man was.“Hij had een explosief temperament en kon mensen kraken. Hij was ook erg op comfort gesteld en voelde zich best in het gezelschap van rijken.”

Het Opus Dei stond in 1997 mee op de beruchte lijst van de parlementaire onderzoekscommissie sekten.“Maar die lijst heeft geen enkele normatieve waarde, het is slechts een alfabetische opsomming van groepen die ter sprake waren gekomen”, zegt Adelbert Denaux,voorzitter van het Informatie- en Adviescentrum inzake de schadelijke sektarische organisaties (IACSSO). “Ik heb geen weet van nieuwe klachten. Ik kan er geen uitspraak over doen.”

Dubieus

Ook de Vereniging voor de Bescherming van Persoon en Gezin in Brasschaat heeft de jongste jaren geen klachten over het Opus Dei meer binnengekregen, alleen vragen om informatie. Volgens de auteur Nick De Neef, die het Opus Dei kritisch opvolgt, is het werk een mix van Rotary, katholieke congregatie, loge en sekte.

Dubieuze kenmerken zijn volgens hem:

Ondoorzichtig. “Het Opus Dei zelf is zogezegd straatarm, maar het werk heeft over de hele wereld duizenden vzw’s die onder een dekmantel opereren. Niemand raakt daar wijs uit.”
Financiële en politieke macht. “Escrivá was bevriend met Franco en had in de Spaanse regering verscheidene ministers. Het Opus Dei kijkt niet op geld om zijn centra zo fraai mogelijk uit te bouwen. Eén jaar geleden werd het Amerikaanse hoofdkwartier geopend, een gebouw van zeventien verdiepingen op Manhattan, met een kostenplaatje van meer dan 500 miljoen euro.”
Manipulatie. “De leden mogen niet vrij naar buiten komen,er zijn gevallen van schending van het briefgeheim en van censuur op boeken en kranten. Er is een permanente druk om te presteren, vooral om te studeren, want één universitair diploma volstaat niet. Sinds het Opus Dei in 1982 werd verheven tot persoonlijke prelatuur, met eigen priesters en een grote mate van onafhankelijkheid, vormt het een ‘kerk binnen de Kerk.”

Het begon met klokkengelui...

Op 2 oktober 1928 hoort Jose Maria Enscriva tijdens een retraite in Madrid klokken luiden. Voor hem was dat een teken dat God hem opdroeg om een nieuwe heilige weg uit te stippelen voor gewone mannen en vrouwen. Opus Dei groeit uit tot een zogenaamde lekenorganisatie.

«Toen de kerk de nieuwe categorie van seculier instituut in het leven riep - leken die geloften aflegden, maar hun gewone werk en levenswijze voortzetten - was Opus Dei de eerste organisatie die als dusdanig werd goedgekeurd. Opus Dei noemt het contract tussen zichzelf en haar leden geen geloften en de huizen waar leden samenwonen geen gemeenschappen omdat dat aan kloosterorden doet denken. Dat doet het omdat het streeft naar volledige autonomie binnen de Kerk,» schrijft Gordon Urquhart in het boek Het Geheime Leger Van De Paus.

Toen de stichter in 1975 stierf had het Opus Dei in alle hoeken van de wereld vestigingen en waren er al 80.000 leden, onder wie 1.500 priesters. Ondertussen was ook de religieuze invloed enorm toegenomen. De huidige paus en zijn grootinquisiteur kardinaal Ratzinger sloten de nieuwe bewegingen zoals Opus Dei en Focolare in hun armen. Beiden zijn gekant tegen het moderne concilie dat de kerk voorzichtig wil aanpassen aan de moderne wereld. Door bewegingen als Opus Dei te steunen, rekenden ze op lekenorganisaties die trouw zweren aan de paus en zich sterk uitspreken tégen democratie in de kerk. De verenigingen kregen een zeer onafhankelijk statuut, met weinig invloed van de bisschoppen. Ze werden als het ware een soort kerk in de kerk. «En elke beweging is ervan overtuigd dat zij de boodschap heeft die de hele kerk zal hervormen,» schrijft Urquhart, een ex-lid van Focolare.

Zalig

Aster Berkhof
(foto Jan Van der Perre)

«Opus Dei heeft de waarheid in pacht en zondert zich daarom af van de rest van de wereld. Samen met de paus willen ze Europa herevangeliseren,» zegt schrijver Aster Berkhof die een boek schreef over de organisatie.

«De enorme invloed van Opus Dei is concreet aanwijsbaar. Opus Dei is de kerkelijke CIA. Als er een nieuwe bisschop werd gekozen, legde de plaatselijke bisschop een lijstje van drie voor aan de paus. Vaak werd het toch een andere. De man in Rome die het eindrapport opstelde, bleek namelijk een Opus Dei-aanhanger.»
Toen het Vaticaan in 1995 een nieuwe aarstbisschop voor San Salvador moest benoemen, werd niet hulpbisschop Gregorio Rosa Chavez gekozen, maar wel de Spaanse Opus Dei-man Fernando Sáenz Lacalle. Op die manier koos het Vaticaan partij tegen de vooruitstrevende priesters die de vermoorde, progressieve bisschop Romero nog altijd als een martelaar van de armen vereren.

Dat Opus Dei goed scoort in het Vaticaan blijkt ook overduidelijk uit de snelle heiligverklaring van stichter Escriva de Balaguer. De Spanjaard kreeg 27 jaar na zijn dood dit pauselijk voorrecht, terwijl Damiaan en Jeanne d'Arc er respectievelijk een en vijf eeuwen over deden.

Invloed

Maar niet alleen in de kerk neemt het aanzien van Opus Dei toe. Vaak wordt gesuggereerd dat invloedrijke mensen lid zijn van de organisatie. Volgens (niet te controleren) geruchten zou zelfs Koning Boudewijn de vereniging gesteund hebben. «De groeiende invloed van Opus Dei wordt voortdurend onderschat,» zegt Peter Hertel, een uit de organisatie geëxcommuniceerde theoloog. «Zelfs de leden beseffen niet dat Opus Dei via organisaties met neutrale namen economische banden heeft met Duitse bedrijven.» In zijn boek Geheimen van Opus Dei heeft hij het over strenge, geheime voorschriften. «Met het doel van Opus Dei - christelijk leven - is niks mis, maar de gehanteerde methodes en praktijken zijn sectair.»

Dat Opus Dei veel invloed in de maatschappij heeft, is duidelijk. De vraag is echter of ze die macht ook misbruikt. Volgens de vereniging zelf is er niks aan de hand. Om dat te bewijzen staan de doelstellingen netjes op Internet. «Individuele leden leiden hetzelfde leven als iedereen. Ze maken hun verbintenis met de organisatie louter op hun eer van Christen. Ze verbinden zich er toe om te zoeken naar heiligheid in hun leven en proberen andere mensen daar ook toe aan te zetten. Net als andere nieuw opgerichte instituten in de kerk worden we wel eens fout begrepen. We krijgen vooral kritiek wegens onze sterke trouw aan de paus. Mensen schijnen ook niet te snappen dat leden van Opus Dei in sociale, politieke, familiale, economische en professionele zaken hun eigen beslissingen nemen. En dat in volledige vrijheid en verantwoordelijkheid.»

De pauselijke toespraak bij de heiligverklaring

Met volgende woorden richtte de paus zich tot de aanwezigen uit meer dan 80 landen op het Sint Pietersplein, op zondag 6 oktober 2002, bij de heiligverklaring van Josemaría Escrivá.

“Allen die zich laten leiden door de Geest van God, zijn kinderen van God” (Rom 8, 14). Deze woorden van de apostel Paulus die wij zojuist gehoord hebben, helpen ons de betekenis te begrijpen van de heiligverklaring van Josemaría Escrivá, die wij vandaag vieren. Hij liet zich volgzaam leiden door de Geest, in de overtuiging dat alleen zo de wil van God in zijn volheid vervuld kan worden.

Deze fundamentele christelijke waarheid kwam vaak in zijn prediking voor. Steeds nodigde hij zijn geestelijke kinderen uit om de heilige Geest aan te roepen, opdat het innerlijk leven, dat wil zeggen de omgang met God, en het gezins- beroeps- en sociale leven, bestaande uit kleine aardse werkelijkheden, niet van elkaar gescheiden waren, maar één bestaan vormden dat “heilig is en vervuld van God”. “Wij ontmoeten deze onzichtbare God – schreef hij – in heel zichtbare en materiële dingen.” (Gesprekken met Mgr. Escrivá, nr. 114).

Zijn onderricht is ook vandaag actueel en urgent. De gelovige, uit kracht van het doopsel dat hem in Christus heeft ingelijfd, is geroepen een ononderbroken vitale relatie met de Heer aan te gaan.

“Toen bracht Jahwe God de mens in de tuin van Eden, om die te bewerken en te beheren” (Gen 2, 15). Het boek Genesis, zoals wij in de eerste lezing gehoord hebben, herinnert ons eraan dat de Schepper de aarde aan de mens heeft toevertrouwd om die te ‘bewerken’ en te ‘beheren’. De gelovigen die in alle realiteiten van deze wereld werkzaam zijn, dragen bij aan de verwezenlijking van dit universele goddelijke project. Het werk en iedere andere activiteit, die met de hulp van de genade wordt volbracht, worden omgevormd in dagelijkse middelen van heiligheid.

“Het gewone leven van een christen die geloof heeft – placht Jozefmaria Escrivá te zeggen –, of hij nu werkt of uitrust, of hij nu bidt of slaapt, op welk moment dan ook, is een leven waarin God altijd aanwezig is” (Meditaties, 3 maart 1954). Deze bovennatuurlijke visie op het leven opent een horizon met buitengewoon reddend perspectief. Want ook in de schijnbare monotonie van het gewone aardse leven, is God dichtbij ons en kunnen wij meewerken aan Zijn heilsplan. Daarom is beter te begrijpen wat het Tweede Vaticaans Concilie stelt, namelijk dat “de christelijke boodschap de mensen niet afhoudt van de uitbouw van de wereld […], maar dat deze hen juist verplicht dit werk te verrichten (Gaudium et spes, 34).

De wereld tot God verheffen en van binnenuit omvormen: dit is het ideaal dat de heilige stichter jullie voorhoudt, beminde broeders en zusters, die jullie verheugen op zijn verheffing tot de eer der altaren. Hij blijft jullie herinneren aan de noodzaak niet bang te zijn voor een materialistische cultuur, die de meest zuivere identiteit van de leerlingen van Christus wil aantasten. Hij herhaalde met kracht dat het christelijk geloof zich verzet tegen het conformisme en de innerlijke inertie. 
Treedt in zijn voetspoor door, zonder onderscheid naar ras, stand, cultuur of leeftijd, in de maatschappij het bewustzijn te verbreiden dat wij allen tot heiligheid geroepen zijn. Spannen jullie je in om zelf heilig te zijn. Allereerst door een evangelische levensstijl te cultiveren van nederigheid en dienstbaarheid, van overgave aan de Voorzienigheid en van voortdurend luisteren naar de stem van de Geest. Op die wijze zullen jullie “zout der aarde” (vgl. Mt 5, 13) zijn en zal jullie “licht stralen voor het oog van de mensen, opdat zij uw goede werken zien en uw Vader verheerlijken die in de hemel is” (ibid, 5, 16).

Zeker, onbegrip en moeilijkheden ontbreken niet bij degene die de zaak van het evangelie probeert te dienen. De Heer zuivert en modelleert met de mysterieuze kracht van het Kruis degenen die Hij roept om Hem te volgen. Maar in het Kruis, zo herhaalde de nieuwe heilige, vinden wij licht, vrede en vreugde: Lux in Cruce, requies in Cruce, gaudium in Cruce! 

Sinds 7 augustus 1931, toen tijdens de heilige Mis in zijn ziel de woorden van Jezus weerklonken: “wanneer Ik van de aarde zal zijn omhoog geheven, zal ik allen tot Mij trekken” (Joh 12, 32), begreep Jozefmaria Escrivá duidelijker dat de zending van de gedoopten bestaat in de verheffing van het Kruis van Christus boven alle menselijke realiteiten. Vanuit zijn binnenste voelde hij de dringende oproep om in alle sferen te evangeliseren. Hij aanvaardde zonder aarzeling de uitnodiging van Jezus aan de apostel Petrus, die kort geleden nog op dit plein heeft geklonken: “Duc in altum!”. Hij bracht deze over op heel zijn geestelijke familie, opdat deze aan de Kerk een waardevolle bijdrage van apostolische vereniging en dienst zou leveren. Deze uitnodiging strekt zich vandaag tot ons allemaal uit. “Vaar nu naar het diepe – zegt de goddelijke Meester ons – en gooi uw netten uit voor de vangst” (Lc 5, 4).

Om zo’n compromitterende zending uit te voeren, is een voortdurende innerlijke groei nodig die gevoed wordt door het gebed. De heilige Josémaría was een meester in de beoefening van het gebed, dat hij als een bijzonder “wapen” beschouwde om de wereld te verlossen. Hij raadde altijd aan: “Eerst het gebed; vervolgens de boete; op de derde plaats, pas op de ‘derde plaats’ de actie” (De Weg, 82). Dit is geen paradox, maar een blijvende waarheid: de vruchtbaarheid van het apostolaat licht bovenal besloten in het gebed en in een intens en onafgebroken sacramenteel leven. Dat is uiteindelijk het geheim van de heiligheid en van het werkelijke succes van de heiligen.

Dat de Heer jullie helpt, beminde broeders en zusters, om deze veeleisende ascetische en evangeliserende nalatenschap op jullie te nemen. Dat Maria, die de heilige stichter aanriep als Spes nostra, Sedes Sapientiae, Ancilla Domini, jullie ondersteunt. Dat de Maagd van ieder van ons een authentieke getuige van het evangelie maakt, bereid om op alle plaatsen een edelmoedige bijdrage te leveren aan de opbouw van het Rijk van Christus. Dat het voorbeeld en het onderricht van de heilige Josemaría ons stimuleren, opdat wij aan het eind van onze aardse pelgrimstocht ook kunnen delen in de gelukzalige erfenis van de Hemel. Daar, samen met de engelen en alle heiligen, zullen wij het gezicht van God aanschouwen en Zijn glorie bezingen tot in eeuwigheid.

 

Opus Dei - Escriva Works - Romana - heilige Jozefmaria - De Boog 
Gegevens over Opus Dei 
Vaticaan - Katholiek Nederland

Nedstat Basic - Gratis web site statistieken
Eigen homepage website teller