Salvador Bernal
Start Omhoog Citaten Álvaro del Portillo Salvador Bernal José María Casciaro Le Tourneau Vraag & Antwoord

 

Start
Omhoog

Het Opus Dei en de verkiezingen

Salvador Bernal

Diario 16, Madrid, Spanje
17 mei 1993

Salvador Bernal is journalist
en auteur van het boek «Mgr.
Escrivá de Balaguer. Ontmoeting
met de stichter van het Opus Dei».
De Nederlandse vertaling van
deze biografie is uitgegeven door
De Boog, Utrecht - Brussel, 1982.

«Omdat ik het gewoon wil...»: met deze woorden vatte de stichter van het Opus Dei het antwoord samen van de christenen die hun leven in dienst stellen van idealen buiten zichzelf. Naar mijn mening was de vrijheidsliefde samen met het gevoel voor humor de belangrijkste persoonlijkheidstrek van Mgr. Escrivá.
Zo ervoer ik het ook in 1956 bij mijn eerste contact met het Opus Dei in Madrid: de hartstocht voor de vrijheid was niet iets exclusiefs van mijn docenten van de Audiencia Academie, maar erfgoed van alle christenen.

Toen ik de nu zalige Escrivá in september 1960 leerde kennen in gezelschap van een groep studenten in Pamplona, vroeg een van hen wanneer het Opus Dei zijn werk zou beginnen in Oost-Europa. Hij antwoordde onmiddellijk: «Als er een minimum aan vrijheid is».
«Zonder vrijheid kan men God niet beminnen», leerde hij. Het vermogen om God aan te nemen of af te wijzen is misschien wel de hoogste uiting van de vrije wil en de wortel van de andere rechten van de mens. Dit valt af te leiden uit de documenten van het Tweede Vaticaans Concilie, die doordrenkt zijn van de waardigheid van de mens.
«De vrijheid, een gave van God» is de titel van een homilie van Josemaría Escrivá in 1956. Hij roept daarin de toon op van Jezus die de menigte in Palestina toespreekt zonder zich op te willen dringen; zoals bij de rijke jongeling: «Als je volmaakt wil zijn...» De jongeman ging bedroefd heen: «Hij verloor zijn vreugde omdat hij zijn vrijheid niet aan God wilde overgeven». De christelijke overgave is echter een vreugdevolle binding, met liefde en spontaniteit, een vrijheid van kinderen en niet van slaven.

Ik herinner me de kracht, waarmee de stichter in 1967 de gewetensvrijheid verdedigde: niemand kan ons meningen opleggen; ieder is meester over zijn eigen bestemming. Zijn woorden sloten iedere vlucht in de anonimiteit uit, zowel in het innerlijk leven als in relatie tot de ander. Ieder afzonderlijk zet zijn eigen leven op het spel. Daarom handelt iedereen in de prelatuur van het Opus Dei voor eigen rekening: de leden van het Werk treden niet als groep op, maar ieder gaat z'n eigen gang.

Zonder vrijheid is een vreedzame samenleving niet mogelijk. Er zijn wel pogingen gedaan om de «heilige dwang» in Escrivá's boek «De Weg» kwaadwillig te interpreteren. Deze uitdrukking wil echter de verantwoordelijkheid van de christen in het apostolaat en in het geestelijk leven benadrukken tegenover de gemakzucht en de onverschilligheid. Hier klinkt het «compelle intrare» door, het dwingen binnen te komen van de genodigden aan het grote bruiloftsmaal uit het evangelie. Deze «dwang» heeft niets te doen met de politiek, noch met fysiek of moreel geweld, maar reflecteert het vuur van het christelijk voorbeeld en de stroom van de genade. Hij, die in overweging 397 van «De Voor» ernstige woorden schreef over het dictatoriaal autoritarisme staat ver weg van menselijke onderworpenheid.

Vrijheid dus in het politieke en sociale leven. Openheid ook in de wetenschap en de cultuur. Er is geen plaats voor fideïsme; ook niet voor klerikalisme of fundamentalisme, want in tijdelijke zaken passen geen dogma's.
Deze vrijheid beslaat uiteindelijk ook de theologie en de kerkelijke wetenschappen. Een andere mogelijkheid is er niet. Het Opus Dei kent geen «school», ook niet in de faculteiten van theologie of canoniek recht in Navarra of Rome.
De vrije wil greep Mgr. Escrivá aan. Dit grote privilege van de mens overvleugelt alle geloofsmysteries, zonder hun clair-obscur te miskennen. Hij liet niet na te wijzen op het trieste geschreeuw dat leidt tot tragische onderworpenheid. Hij leidde het Opus Dei met prudente pastorale richtlijnen. Maar, ver van een pessimistische visie op de mens, had hij steeds een grote waardering voor de persoonlijke spontaniteit van iedereen, omdat hij ervan overtuigd was dat het begrip en het vertrouwen de basis zijn voor een harmonisch, pluriform en vrij samenleven.

Op dit moment waarop de verkiezingscampagne in volle gang is, wil ik de vraag in herinnering brengen, die in 1964 aan Mgr. Escrivá werd gesteld tijdens een grote bijeenkomst in Pamplona: welke posities mogen de leden van het Opus Dei in het maatschappelijk leven innemen? Zijn antwoord, dat een spontaan applaus teweeg bracht, begon met de volgende woorden «Die, welke ze gewoon willen!»

 

Opus Dei - Escriva Works - Romana - heilige Jozefmaria - De Boog 
Gegevens over Opus Dei 
Vaticaan - Katholiek Nederland

Nedstat Basic - Gratis web site statistieken
Eigen homepage website teller